#4 Globalisering

Globalisering
#4 Globalisering
Over lokale behoeften veroorzaakt door internationale krachten

Economische Megatrend 4: Globalisering

Veel van de welvaart is de afgelopen decennia tot stand gekomen dankzij globalisering. Dat dit niet altijd geneugten met zich meebrengt was voor Amsterdammers, die werden overspoeld door toeristen, al duidelijk. Het coronavirus heeft dit op brute wijze nog duidelijker gemaakt. U kunt met uw merk hier weer kiezen. Gaat u de grens over of kunt u net als de lokale bierbrouwerijen beter inspelen op lokale behoeften?

Globaal versus lokaal

De keuze tussen het zijn van een globale of lokale speler is zo oud als de weg naar Rome, maar van groter belang dan ooit. De digitale megatrend – het wegvallen van de grenzen en het aanleggen van een goedkope, toegankelijke infrastructuur – heeft het gemakkelijker gemaakt om een globale speler te worden. Europa is een poging aan het doen om een natiestaat te worden en het oude Egypte, dat volgens historici het eerste voorbeeld daarvan was, heeft 5000 jaar lang bewezen dat dit op zich geen slecht idee is. Aan de andere kant is nu een nieuwe patriottische beweging aan het opstaan met mensen als Geert Wilders, Thierry Baudet en Donald Trump die Eigen Land Eerst willen. En is een groeiend aantal mensen het zat om het zuiden van Europa eindeloos van financiën te voorzien.

Zelfs John de Mol wil beschermende maatregelen omdat zijn creatieve producten in de knel komen dankzij grote globale spelers als Facebook en Google die 80% van de reclame-inkomsten opslokken. In het Algemeen Dagblad zegt hij: ‘Ik vind het onthutsend om te zien hoe het nieuwe kabinet passief toeziet dat buitenlandse partijen ons de kaas van het brood eten. Ik erger mij daar groen en geel aan.’

Als tegenreactie hebben de Fransen als eerste land ter wereld een digi-tax ingevoerd voor grote technologische bedrijven.

Tegentrend

Grand Hotel Europa

Er is een tegentrend waarneembaar. De nadelen en dilemma’s van globalisering zijn zich aan het uitkristalliseren, zoals beschreven in het boek Grand Hotel Europa door Ilja Leonard Pfeijffer. In Venetië ramde om de week een cruiseschip de kade. Unilever merkt de bezwaren aan een teruggang van hun grote globale merken en in de politiek gaan lokale partijen vaker besturen. Lubach wijddeeen aflevering aan de slechte kwaliteit van veel spullen die van ver komen. Hij laat eerst enthousiast zijn gescoorde speelgoedpoppetjes laat zien, daarna vertelt hij de schokkende waarheid. De Frozen-personages en actiefiguren zien er dan wel mooi uit, ze zitten boordevol schadelijke stoffen die kinderen met gemak kunnen vergiftigen. De Consumentbond wijst op het gebrek aan consumentenrechten zoals het ontbreken van garantie. Een merk als Wehkamp heeft bewust gekozen voor een meer lokaal profiel. Lokaal of kleinschalig ‘gebrande’ biermerken als Brouwerij ’t IJ en Texels (die van o.a. Skuumkoppe) schuren vanuit hun lokale speciaal bieren-niche tegen de grote internationale brouwerijen aan.

Dankzij de coronacrisis zal het jaren duren voordat de hotels in Amsterdam weer vol zitten en het Italië van Pfeijffer droomt nu wellicht van de tijd dat daar de cruiseschepen de kade ramden.

Wie gaan het moeilijk krijgen? De merken die ergens tussen de wal en het schip van lokaal of globaal hangen. U moet op zijn minst iets importeren dat hier wordt gezien als zeer bijzonder.

Merken die hierdoor gaan verdwijnen, of veel last gaan krijgen

Ajax, Feyenoord, PSV. Schrik niet, voetballiefhebber. Deze merken zullen niet helemaal verdwijnen maar worden wel sterk gemarginaliseerd, omdat jonge mensen zich vooral identificeren met winnaars van belangrijke evenementen. Het winnen van de eredivisie is van belang, maar globale evenementen worden gezien als het belangrijkst. Met iedere internationale nederlaag wordt de aanhang van genoemde clubs kleiner. Kinderen willen nu een shirt van FC Barcelona, Liverpool of Real Madrid. Tenzij het succes van Ajax van afgelopen seizoen meer regel dan uitzondering wordt, spelen Ajax, Feyenoord en PSV straks uitsluitend nog derby’s. Niet voor niets zag de Franse geldclub Paris Saint Germain in de Braziliaanse vedette Neymar een solide investering van 225 miljoen. In de eerste maand verkocht de club wereldwijd al 120.000 shirtjes van Neymar – nieuwe shirts gaan voor 90 tot 140 euro over de digitale toonbank.

Bol.com, Speurders, Marktplaats. Deze merken missen de onderscheidende uitstraling en waarde-propositie van een Coolblue om te zich te kunnen meten met hun internationale tegenhangers zoals EBay (Speurders, Marktplaats) of giganten als Amazon en de robot-gestuurde megawarenhuizen van Ali Express.

Bij de laatste wordt het volgens de oude MD pas echt gevaarlijk als Alibaba zijn totaalconcept op Europa loslaat. Dat behelst de integratie van online, offline, logistics, data, plus social media, interactieve content en entertainment. En dat allemaal in één app. Dat heet new retail. En daarmee zou de 1.000 koppige draak niet meer te stoppen zijn.

De Europese Unie. Europa is ‘een operette’ volgens Arnon Grunberg in de Volkskrant. De nerds & babes in Brussel, zoals NRC Handelsblad de situatie aldaar beschrijft, gaan de kasten open en dichtslaan en uit iedere kast zal een gillende keukenmeid tevoorschijn komen. Europa als natiestaat is een zeer problematisch concept, dat op de lange termijn niet dood is, maar het kan op de korte termijn hoogstens een soort Verenigde Staten worden. Het zal dan eerst een volkslied, een Europese Droom, een inspirerende President en misschien een vijand moeten hebben. De vijand is zich aan het vormgeven met Rusland, China, radicale islam en dergelijke, maar laten we hopen dat een oorlog deze keer niet noodzakelijk zal zijn.

Merken die hier juist handig op inspelen

Aliexpress, Wish, Miniinthebox en Alibaba  zijn voorbeelden van internationalisering. Bedrijven die het juist meer lokaal zoeken zijn bierbrouwerijen zoals bijvoorbeeld De Moersleutel uit Alkmaar en reisapp Spotted by locals. Ook supermarkt PLUS speelt hier al handig op in met de streekproductenlijn GIJS: roomyoghurt van boer Van der Schans uit Gelderland, gatenkaas van boerderij De Gelder en appelbollen van bakker Van de Graaf uit Roosendaal: allemaal producten van eigen bodem.

Er gaan nieuwe merken opstaan die globaal zijn maar ook lokaliteit faciliteren. Zoom is uiteraard een voorbeeld, maar denk ook aan nieuwe apps die faciliteren om druktes te vermijden als een  crowd-avoidance app.

Mocht jij ook nog goede of leuke voorbeelden van deze trend kennen laat het ons dan weten en reageer hieronder.

Boek Merkdisruptie

Frank Haveman, Jeroen Cremer en Richard Otto

Het boek ‘Merkdisruptie’ is beschikbaar als paperback en e-book. Het is geschreven door Frank Haveman, Jeroen Cremer en Richard Otto en bevat bijdragen van een groot aantal specialisten zoals Lodewijk van der Peet, Tony de Bree, Cor Molenaar, Bert van der Veer, Rens Muller, Gerben Busch, Aart Lensink, Carlo Brantsen, Paul Moers, Jan Rijkenberg, Charles Borremans en Marc Oosterhout.

Inspireer een ander

Share on linkedin
Share on skype
Share on email
Share on whatsapp

Nieuwsgierig geworden naar onze inschatting over de overlevingskansen van uw merk?

Wij komen u graag meer vertellen over de mogelijkheden van een inspirerende presentatie, interactieve workshop, of brand survival (quick)scan.

TREND PROOF

#3 Technologische revolutie

Technologische revolutie
#3 Technologische revolutie
Over data als het nieuwe goud, progressieve en conservatieve stromingen die meer botsen dan ooit en duurzaamheid als nieuwe hygiënefactor.

Economische Megatrend 3: Technologische revolutie

De impact van de vierde industriële revolutie is enorm. Drie ontwikkelingen gaan met name zorgen dat merken verdwijnen. De opkomst van de infobot, de strijd tussen retro en futurum en de transitie naar een duurzame economie.

Iets met tech is meestal een rode draad in de benamingen en bij deze revolutie kunnen we ons allemaal iets voorstellen. Maar het is ook ietwat een containerbegrip. We zoomen binnen deze economische ontwikkeling in op drie megatrends. Waarbij aangetekend dat er talloze andere goede manieren mogelijk zijn om dit te segmenteren en we niet volledig zijn.

De drie technologische trends die wij binnen deze megatrend uitlichten:

Infobot (3A)
Retro versus futurum (3B)
Duurzaamheid (3C)

Megatrend 3A: De infobot, data als het nieuwe goud

De infobot is een combinatie van software, big data en algoritmes aan de ene kant en nieuwe autonome hardware aan de andere kant. Helemaal nieuw is dit uiteraard niet. Direct marketing maakte al lange tijd gebruik van big data en het personaliseren van brieven. Een conventionele computer is ook zo’n combinatie van software en hardware, maar die kon niet uit zichzelf door uw kamer wandelen noch een brief voorlezen, de nieuwe stofzuiger kan dat wel.

De infobot verzamelt zelf het laatste nieuws en leest dat ook op.

De infobot is in opkomst en kan op een toenemend aantal gebieden razendsnel handelingen verrichten en betere beslissingen nemen dan menselijke breinen. Data is in dit speelveld het nieuwe goud en een categorie merken die sterk beïnvloed wordt door deze ontwikkeling is het puur op data gebaseerde dienstenmerk. Merken als Facebook, Google en Netflix zijn in essentie globale datamerken, waarbij Netflix eigen inhoud produceert en ook Facebook in die richting aan het transformeren is door bepaalde informatie te blokkeren, maar het zijn primair leveranciers van informatie, soms met een enorm bereik.

Dit betreft merken waarbij geen tastbaar product wordt geproduceerd of waar dit product gemakkelijk te digitaliseren valt. Je kunt hier allerlei gradaties bedenken van omroepen en uitgeverijen tot muzikanten, van makelaars en uitzendbureaus tot accountancy. In sommige gevallen zitten consumenten zelfs helemaal niet te wachten op contact met het datamerk en bedrijf. Denk aan verzekeringen, de belastingdienst, de notaris en leveranciers van cybersecurity.

In de toekomst zullen meer diensten tot deze categorie blijken te behoren, zonder dat we ons dat nu al kunnen voorstellen. De waarde van menselijk advies zal in veel gevallen afnemen of in ieder geval opnieuw op de kaart moeten worden gezet. Bijvoorbeeld uitzendbureaus, makelaars en sommige medische diensten gaan zich zeer waarschijnlijk in deze richting ontwikkelen. Voor deze merken is op de eerste plaats een prominente positie in het brein van belang. Ze hebben immers geen tastbaar product waar consumenten tegenaan kunnen lopen, vaak geen of veel minder winkels. Het datamerk zal op andere manieren steeds aanwezig moeten zijn en moeten kunnen beschikken over goede branders die het merk doelmatig laten beklijven.

Op de tweede plaats is de kwaliteit van de informatie en algoritmes waarover zij beschikken van levensbelang. De supernerds in deze bedrijven gaan waarschijnlijk meer verdienen dan de CEO’s (de trainers), net zoals in het geval van sport.

Op de derde plaats kunnen we anticiperen op het feit dat er veel schaalvoordelen te behalen zijn. De kleine lokale spelers, de notarissen om de hoek, gaan het daarom afleggen tegen grote platformspelers die hun diensten veel goedkoper kunnen aanbieden en die over voldoende middelen beschikken om de branding te betalen.

Merken die hierdoor gaan verdwijnen

De Hypotheker en SNS. Financiële merken beheren data en worden op alle vlakken aangevallen: andere betalingsmogelijkheden, nieuwe beveiligers van uw geld, Microsoft met een banklicentie, Facebook met een betaalfunctie en zelfs eigen currency (GlobalCoin).

OHRA, FBTO, Zekur en Agis. Een verzekering is typisch een datamerk waar je liever helemaal niks mee te maken hebt of het moet Zwitserleven zijn en je een bepaald kunstzinnig statusgevoel geven.

Heel veel klassieke mediamerken gaan verdwijnen, zoals Metro, BNNVara en SBS. Het gratis dagblad heeft te maken met de vele online concurrenten, waardoor ‘gratis’ niet meer een unique selling point is. Televisie wordt Netflix, NLZiet, Disney+, Amazon en YouTube. Kijk naar wat uw kinderen doen en bekijken en weet de toekomst. De grote platformmerken zullen worden aangevuld met meer tijdelijke programmamerken zoals Luizenmoeder of Homeland en worden ondersteund door productiemerken als Talpa, die wel een identiteit hebben.

Is uw merk aangelijnd met de nieuwe infobot-economie? Heeft het merk voldoende eigenheid om de komst van grote globale spelers als een Amazon te overleven? In welke mate speelt uw merk in op deze mogelijkheden? Wat is de grondslag voor uw beslissingen? Nog steeds onderbuikgevoel, of al gebaseerd op big data met eventueel gebruik van slimme software?

Merken die juist handig inspelen op deze trend en big data, autonoom denkende patroonherkennende AI computers al goed weten te combineren

De infobot-trend is in de meest eenvoudige vorm rond het jaar 2000 begonnen bij een Bol.comachtige, die de klant op basis van statische data een mogelijk ander interessant koopvoorstel deed.

Inmiddels zijn wij qua technologie een lichtjaar verder. Netflix leert uit ons kijkgedrag en ontwikkelt op basis daarvan succesvolle eigen series. AI-schoolvoorbeeld Tesla kan met het verkopen van haar data waarschijnlijk meer winst maken dan met het verkopen van auto’s. Uit Philips haar persaankondiging over hun nieuwste innovaties blijkt dat kunstmatige intelligentie sterk de boventoon voert. Big data-gedreven inzichten die gebruik maken van AI helpen bij een nauwkeurige medische diagnose of bijvoorbeeld hartaanvallen beter te kunnen voorspellen. Google weet eerder of u een verhoogde kans op kanker hebt, dan u zelf en uw huisarts.

Amazon’s experimentele ‘anticipatory shipping’-project stuurde producten naar klanten vóórdat ze deze besteld hadden. Eind 2018 kwam China met een virtuele nieuwslezer op tv, een exacte kopie van de echte nieuwslezer (zie inzet boven). Eng om te zien, je ziet het verschil bijna niet. Inmiddels draait het Hilversumse XS2Radio proef met een virtuele nieuwslezer voor de radio. Reuring alom bij de nieuwslezers bij het ANP en de NOS. Nu klinkt het wellicht nog wat als een stem uit een stationsmicrofoon, maar de infobot-megatrend is gezet en zal niet gemakkelijk te keren zijn.

Megatrend 3B: retro versus futurum

Retro versus futurum

Iedere industriële revolutie is een grote moderniseringsoperatie, waarbij merken en bedrijven naar de toekomst moeten worden gebracht. Ze moeten aansluiting zoeken bij een nieuwe generatie consumenten, nieuwe technologieën, nieuwe productiemethoden, nieuwe waarden, nieuwe noem maar op. Productinnovatie wordt relevanter dan ooit en veel merken die dit vergeten of deze kunst niet meer beheersen, zullen langzaam maar zeker verdwijnen.

Maar dit impliceert in het geheel niet dat ‘al het oude’ dood is. Een turbulente tijd leidt altijd tot de opkomst van romantiek, nostalgie, traditionalisme en terugzucht. Mensen gaan houvast zoeken in het verleden en de huidige tijd is een veldslag tussen conservatief retro-denken en progressieve krachten die razendsnel naar de toekomst willen.

Deze ontwikkeling is complex en paradoxaal. Het markeert een waterscheiding en op het oog diep conflict tussen lokale patriottische sentimenten en meer globale nationalistische.

Je zou er meerdere boeken over kunnen schrijven, maar in essentie draait het om biochemie die naar de toekomst of het verleden wil. Het heeft te maken met de opkomst van lokale ambachtelijkheid én globale industriële massaproductie.

De megatrend is ook goed zichtbaar in de literatuur, politiek en mode, waar in het ene geval ‘parlementsleden voor de 18e eeuw’ (de Britse conservatief Jacob Rees-Mogg) of ‘fans van de Middeleeuwen’ (Kees van der Staaij) aan het opstaan zijn en in het andere geval progressieve Cyborg-kunstenaars als de Amerikaan Elon Musk die ons naar Mars willen knallen.

De maakindustrie

De ontwikkeling zal voor de maakindustrie tot een scherpere waterscheiding leiden, met twee tegengestelde strategische invalshoeken: modernisme versus traditionalisme,massaproductie versus ambachtelijkheid , robots versus menselijkheid.

Aan de ene kant zullen de infobot en de modernisering leiden tot het dehumaniseren van merken en productieprocessen. Ze zullen meer klinisch worden en bijvoorbeeld de pariteit van producten verhogen en de prijzen verlagen, zoals iedere industriële revolutie heeft gedaan. Dit is een democratiseringsproces, waardoor producten die tot op heden onbetaalbaar waren voor de massa toegankelijk worden. Het lijkt nu alsof iedereen in het Westen alles al heeft en kan kopen, maar er is een nieuwe generatie hoogwaardige (technologische) producten in de maak, waarvoor het democratiseringsproces opnieuw zal gelden. De meeste kleding gaat straks geproduceerd worden door een infobot en de meeste groente zal uit een megakas komen die wordt bestuurd door drie mensen en talloze insecten – wellicht in de toekomst nano-drones als de insecten want het huidige ecosysteem is de echte razendsnel aan het elimineren.

Nieuwe fabrieksmerken

Het is hierbij van belang om te onderkennen dat de infobot de psychologie van het fabrieksmerk verandert. In de psychologie van de consument is de fabriek nu nog een lopende band met flink wat mensen, wat vage ingrediënten en bepaalde menselijke vaardigheden. Dit zal kantelen richting de fabriek als inwisselbare en verplaatsbare infobot. We zouden kunnen stellen dat de inwisselbaarheidsperceptie bij de fabriek nu 50% is en over vijftig jaar 80% zal zijn. De infobot zal de toegankelijkheid van producten verhogen en democratiseren, maar het ook moeilijker maken om ze te onderscheiden.

Aan de andere kant zal de behoefte aan zeer natuurlijke, traditionele en op ambachtelijke wijze geproduceerde producten toenemen. Dit is een verbijzonderingsproces omdat de productie van dergelijke producten meer gelimiteerd zal zijn en afhankelijk is van schaarse ingrediënten, menselijke vaardigheden en unieke klimatologische omstandigheden. Hier is de biologische kip uit Bresse in Frankrijk, die vrijuit heeft kunnen fladderen en een paar uur op een houtvuur is gebraden door de handen van een Michelin-chef, de held. Denk aan de opkomst van lokaal gebrouwen bieren in Nederland of een mogelijke revival van handmatig geproduceerde maatpakken. Een auto van Rolls-Royce staat zich nog steeds voor op het feit dat het met mensenhanden is geproduceerd. Combinaties zijn zeer goed mogelijk, hetgeen soms ‘modern traditional’ of ‘neoclassicisme’ wordt genoemd, maar het robotmerk zal hoe dan ook gemakkelijker gekloond gaan worden door een andere robot.

Voor de nieuwe infobots worden zaken als design en branding van nog groter belang om enig onderscheid te creëren en een meerprijs te kunnen bedingen. Op de korte termijn zal er nog een relatief groot verschil zijn tussen de kwaliteit en prestatie die een T-800 of T-850 levert en kunnen de infobots het merk zijn, maar op de lange termijn zal dit verschil minder worden, net zoals met auto’s is gebeurd.

Als een merk zijn producten laat maken in een generiek productiehuis zal het nog meer aandacht moeten besteden aan de unieke vormgeving, de merkpersoonlijkheid en andere zaken die het merk kunnen onderscheiden. Voor de traditionele ambachtsmerken zal het unieke productieproces, de schaarste van de ingrediënten en bijvoorbeeld de unieke klimatologische omstandigheden waaronder het product tot stand is gekomen meer centraal komen te staan. Zij moeten de competenties branden die de infobot niet heeft.

Het contrast tussen deze twee strategische invalshoeken en typen product zal steeds duidelijker worden en de merken die hier niet op inspelen, komen in de problemen.

Merken die hierdoor gaan verdwijnen

Seiko en Festina. Horloges zijn ingehaald door nieuwe technologie en genoemde merken zijn vlees noch vis. Geen infobot state-of-the-art, geen handwerkjuweel.

Hoe gaat uw merk om met het dilemma retro versus futurum?

Merken die juist handig inspelen op de “oud maar goud, old but gold” trend

dilemma retro versus futurum

In het boek wordt met regelmaat een voorbeeld gegeven van hoe een merk met een megatrend kan omgaan. Een van oorsprong Nederlands kledingmerk als Suitsupply is een fraai voorbeeld in de context van retro versus futurum. Suitsupply heeft duidelijk gekozen door pakken op maat te gaan maken in de winkels. Ambachtelijkheid speelt een rol en tegelijk heeft het merk modernisme. De beleving van maatwerk is primair menselijk handwerk en staat haaks op de opkomst van infobots, ondanks dat zij talloze varianten kunnen produceren. Suitsupply is niet het ene extreem, noch het andere, maar heeft een fraaie balans te pakken.

Netflix is een professional als het gaat om het gebruik van nostalgie. De ‘Netflix-originelen’ zoals die zijn Gilmore Girls miniseries en Fuller House-series. Het idee is dat als het eenmaal heeft gewerkt, het weer zal werken. Om nog maar te zwijgen over hun aanbod van de bovengenoemde Friends.

Vanwege zijn lange geschiedenis roept Coca Cola om de paar jaar nostalgische marketing op – vintage posters en hun iconische glazen flessen. Een schitterend voorbeeld van Coca Cola’s nostalgie (en productplaatsing) is de serie-finale van de gedenkwaardige show Mad Men (beschikbaar op Netflix), die de bekroonde run eindigde met de iconische Coca-Cola-advertentie uit 1970.

Weinig merken roepen onze kindertijd op om videogames beter te spelen dan Nintendo. In 2016 recyclede Nintendo een oude favoriet: de NES Classic Mini Console met onder andere Super Mario Bros, Donkey Kong en Pac-man – in hun prachtige 8-bit heerlijkheid. Het werd zo populair dat het bijna onmogelijk was om online en in winkels te vinden. Het succes leidde ertoe dat Nintendo meer nostalgie-producten uitbracht.

Megatrend 3C: Duurzaamheid

Het oude industriële systeem heeft de wereld een enorme impuls gegeven op het gebied van welvaart, maar het heeft ook tot problemen geleid.

  1. Men maakt zich zorgen over de gevolgen van vervuiling, de oprukkende mens in alle natuurgebieden en afname van biodiversiteit.
  2. De aarde lijkt sneller op te warmen dan ooit tevoren, met alle gevolgen van dien.
  3. Het spul dat wordt gebruikt als brandstof zal op enig moment opraken (alhoewel dat met olie en dergelijke heel lang kan duren).

Nieuwe technologie zal moeten helpen bij het oplossen van deze problemen en de technologische revolutie versterken.

De fossiele economie loopt op zijn laatste benen. Het afbouwen van de fossiele economie wordt gestimuleerd door de opwarming van de aarde. Of de opwarming te stoppen valt, staat te bezien, en wie of wat daarvoor verantwoordelijk is, doet weinig ter zake. De schaarste aan fossiele brandstoffen, de afhankelijkheid van de Russen en het feit dat mensen worden geconfronteerd met de negatieve gevolgen van het warmere klimaat, zoals overstromingen, hagelstormen, droogte in Nederland, nieuwe tropische ziektes en de aanwezigheid van vervelende processierupsen in de koudere gebieden, doet meer ter zake.

Bij de megatrend duurzaamheid speelt een vrij basale transitie van brandstof, vergelijkbaar met het vervangen van het paard door de stoommachine en hout en kolen door olie en gas.

Deze transitie wordt in veel landen geforceerd door overheden en levert in Nederland vanzelfsprekend groot rumoer op want: wie moet dat betalen?! In aanloop naar onze Gouden Eeuw kwamen wij pas in beweging nadat de peper onbetaalbaar was geworden omdat Filips II het afhaalloket in Portugal sloot en de haven van Antwerpen op slot deed. De prijs van peper schoot meteen de lucht in en wij dachten “dan moeten we zelf maar naar het zuiden”, waarna onze Gouden Eeuw begon en Amsterdam het grootste warenhuis ter wereld werd.

Hoe dan ook, op talloze markten kan een merk niet meer aankomen zonder een duurzaamheidsfilosofie. We zitten nog in een fase waarbij sommige merken kiezen voor een hybride aanpak, zoals Toyota Prius, maar ook dit zal op termijn een kwestie worden van of-of: of het merk biedt de ouderwetse masculiene beleving met een brulmotor of de auto wordt geheel aangedreven door een nieuwe brandstof, waarbij waterstof of een nog meer geavanceerde vorm van energiewinning niet zijn uitgesloten. Zeker is slechts dat het massa-industriële systeem zal overstappen op een nieuwe brandstof en de winnaar megarijk zal worden.

Shell is een gevangen merk

Of Shell nu wel of niet met laadpalen en duurzame energie bezig is, maakt niet zoveel uit. Het merk denkt te kunnen hinken op twee benen maar staat in de beleving nog steeds voor fossiele energie. Het is een gevangen merk. Het wordt vereenzelvigd met olieproducten en heeft last van associatieve inhibitie, zoals wetenschappers dat noemen. Mensen laten geen andere betekenissen toe bij het merk, mede vanwege het werkelijke gedrag van de bestuurders. Shell streeft niet echt naar de toekomst en heeft geen ideaal van hogere orde kunnen formuleren dan het oppompen van oude, zwarte mineralen.  Shell is als het merk Biotex, dat werd gezien als goed voor de voorwas, maar met geen mogelijkheid naar ander gebied te brengen was.

Dong heeft Shell al verslagen als merk voor windenergie, Fastned en Alfen als merk voor elektrische laadpalen. Shell denkt misschien over een jaar of tien de omslag nog te kunnen maken of rijk genoeg te zijn om de nieuwe succesvolle generatie merken op te kunnen kopen, maar dat is typisch tapijtdenken. Shell had met het oude merk het verleden moeten afromen en met een geheel nieuw merk de toekomst in kaart moeten brengen. Dit is het aloude idee achter de zogenaamde Boston Consultancy Matrix en het is een raadsel waarom Shell dit scenario niet heeft toegepast.

Shell is volgens een artikel in het FD (24 juni 2020) op zoek naar een ‘fundamentele verschuiving’.

“Op dit moment leiden onze bedrijfsplannen niet tot waar we willen zijn. Dat betekent dat op termijn onze plannen moeten worden veranderd als ook de maatschappij en onze klanten veranderen, zei Van Beurden eind april bij de presentatie van de eerste kwartaalcijfers. “We hebben het over een fundamentele verschuiving voor Shell in de komende 30 jaar.”

Dat begint dus met een nieuw merk.

Merken die hierdoor gaan verdwijnen, of veel last gaan krijgen

Shell, BP. Het merk Shell kan maar niet loskomen van het verleden en het merk BP wordt omschreven als Burning the Planet. Deze merken willen het verleden maximaal exploiteren en zijn aan het uitfaseren, terwijl nieuwe merken aan het infaseren zijn. Een vergelijkbaar proces is gaande op veel andere markten en dat is het kenmerk van een disruptie: een oude generatie tracht vast te klampen aan het verleden, terwijl een nieuwe zich aan het opbouwen is en de markt gaat overnemen.

Merken die handig inspelen op Duurzaamheid

BMW is van 2005 tot 2014 in totaal negen keer op de Dow Jones Sustainability Index geranked als de meest duurzame auto- en auto-onderdelenfabrikant ter wereld.

DSM heeft de laatste jaren een ijzersterke reputatie opgebouwd. Beleggers lopen weg met de goede financiële prestaties, terwijl het bedrijf regelmatig lof krijgt voor zijn duurzame prestaties. Het chemie- en biotechnologieconcern dat is ontsponnen uit De Staats Mijnen is de laatste jaren terug te vinden in de juiste lijstjes. Zo staat het Limburgse bedrijf al achtmaal aan kop in de Dow Jones Sustainability Index in de categorie chemie. Forbes zette de onderneming op de tweede plek in zijn Change-the-world-lijst. Geen wonder dat DSM in het Reputatieonderzoek van de MT500 als koploper eindigde in de sector Chemische en farmaceutische industrie.

Het Nederlandse bedrijf Alfen speelt maximaal in op deze energietransitie en deint lekker mee op deze groene golf. Ze produceren o.a. laadpalen en slimme batterijen waar overtollige wind- en zonne-energie in kan worden opgeslagen, was in de eerste helft van 2020 het best presenterende fonds op het Damrak. Bij de beursgang in 2018 kostte een aandeel 10 euro. Nu, juli 2020, doet het aandeel al 41 euro.

Daarentegen zijn er ook greenwashers zoals Oxxio en Essent (bron: Geenpeace) die wel op de trend inspelen door te roepen 100% groen te zijn, maar dit in de praktijk helemaal niet waar maken.

Duurzaamheid is vaak nog relatief duur, maar dat zal veranderen. In elk geval merken wij aan de overwegingen van onze kinderen dat deze duurzaamheidstrend niet zal overwaaien. Is duurzaamheid een issue voor uw merk? Speelt u hierop in of wordt het een ouderwetse beleving met stoommachines en de geur van olie?

Boek Merkdisruptie

Frank Haveman, Jeroen Cremer en Richard Otto

Het boek ‘Merkdisruptie’ is beschikbaar als paperback en e-book. Het is geschreven door Jeroen Cremer, Frank Haveman en Richard Otto en bevat bijdragen van een groot aantal specialisten zoals Tony de Bree, Charles Borremans, Marc Oosterhout, Cor Molenaar en Paul Moers en Jan Rijkenberg.

Inspireer een ander

Share on linkedin
Share on skype
Share on email
Share on whatsapp

Nieuwsgierig geworden naar onze inschatting over de overlevingskansen van uw merk?

Wij komen u graag meer vertellen over de mogelijkheden van een inspirerende presentatie, interactieve workshop, of brand survival (quick)scan.

#2 Radicaal kapitalisme

Radicaal kapitalisme
#2 Radicaal kapitalisme
Over de gevolgen van doorgeslagen kapitalisme

Megatrend 2: Radicaal kapitalisme

‘Gangster kapitalisme’ (Robert Reich, 2020), ‘Ontspoord kapitalisme’ (Bert de Vries, 2020), ‘Fantoomgroei’ (Sander Heijne en Hendrik Noten, 2020), ‘Ruw ontwaken uit een neoliberale droom’ (Gabriël van den Brink), ‘Elite gezocht’ (Sander Schimmelpenninck en Ruben van Zwieten, 2019), ‘Aasgierkapitalisme’ (Peter de Waard, 2019), ‘Zuidasgluiperds’, ‘Pillentuig’ (Youp van ‘t Hek, 2019), ‘Georganiseerde misdaad in krijtstreeppak’(Follow-the-money, 2019), Kapitaal in de 21e eeuw (Thomas Piketty, 2017), Kapitaal en ideologie (idem, 2020).

Zomaar wat recente publicaties over en kwalificaties van de economische megatrend die wij ‘Radicaal kapitalisme’ hebben genoemd.

Radicaal kapitalisme #2

Politiek commentator Tom-jan Meeus had het begin 2019 in NRC Handelsblad over ‘de crisis van het kapitalisme’, waar toen volgens hem slechts een paar VVD-ers oog voor hadden.

In die krant is inmiddels een serie opgestart over dit onderwerp, want er is ‘toenemende onrust door’:

    1. groeiende inkomensongelijkheid,
    2. woede over belastingontwijking,
    3. zorgen over de toekomst van de planeet,
    4. ongenoegen over de machtsconcentratie bij grote techondernemingen,
    5. verzet tegen doorgeslagen marktwerking.

Het werd (nog) niet genoemd, maar het radicale kapitalisme gaat zorgen voor de ondergang van heel veel merken. Gevoelsarme, volgens sommigen ‘moreel failliete’, bestuurders die merken, mensen en bedrijven zien als dode objecten en van mening zijn dat ze kunnen worden gevangen in getallen, schema’s, modellen, algoritmes en vragenlijsten op afstand zitten aan het roer. Jeroen Smit schreef in 2008 het boek De Prooi over dit type mens, dat het merk ABN-AMRO op de rand van de afgrond heeft gebracht en eerder al Albert Heijn bijna sloopte. De film The Wolf of Wall Street kwam uit in 2013 en beschrijft de economische en seksuele drijfveren van het type mens dat de financiële crisis van 2009 veroorzaakte. Ze worden steeds vaker omschreven als ‘aasgieren’ of ‘Technosaurus Rex’.

Zo werd V&D door de private equity bedrijf (Maximumebitda) gezien als een verzameling lucratief vastgoed, waarop een schuldenconstructie kon worden losgelaten. Het merk, de mensen die er werkten en de traditie waarvoor V&D stond, werden binnen de kortste keren gesloopt.

Groeifanaten

Het zijn radicale schakers met bedrijven en merken – vaak groeifanaten in losgezongen hoofdkantoren. Men vindt ‘groei’ in het diepste van zijn ziel een ‘visie’. U moet het woord ‘groei’ maar eens turven bij deze mensen. Ze gebruiken vol trots teksten als ‘wij zijn een groeibedrijf’ of ‘groei-ondernemers’, alsof de rest wil uitdrogen en schrompelbedrijven zijn. Ze hebben speciale tools als de ‘growthfinder’, je kunt langskomen voor een ‘groeicollege’ en ‘growth hacking principes’ worden ingezet. ‘Groei om de groei’, de filosofie van de plofkip, lijkt er te heersen en medewerkers worden gezien als in te kopen kopjes en schotels.

Jurrien Koops, directeur van uitzendbond ABU, signaleert de opkomst van dit soort geldradicalen op zijn vakgebied. Hij laat in de Volkskrant weten: ‘Vroeger praatten wij met de personeelsmanager, tegenwoordig met de inkopers. Die kopen de kopjes en schoteltjes en de laptops, en nu ook het personeel.’

Woede over belastingontwijking

Mensen klagen over de moraliteit op de Zuidas, waar volgens NRC Handelsblad talloze ‘winstoptimaliserende organisaties’ hebben plaatgenomen die grote bedrijven en rijke mensen helpen met het opzetten van exotische belastingontwijkende constructies. De grote multinationals zijn een Mindf*ck en goochelen met wereldwijde postbussen. Ze zoeken het laagste punt van weerstand en betalen nauwelijks belastingen, maar profiteren wel van de wegen, opleidingen, politiekorpsen en ziekenhuizen, die gewone, lokale burgers moeten betalen.

Verzet tegen doorgeslagen marktwerking

De sector waarin de radicale geldhonger en gewetenloosheid wellicht het beste tot uitdrukking komt, is in de medische hoek en farmacie. De pillenpiraten zijn op patenten gedoken en medicijnen voor 200.000 euro per jaar gaan verkopen, terwijl zij de initiele onderzoekskosten niet hebben hoeven te betalen en het hen maar een paar cent kost om ze te produceren. Dat hun patiënten creperen, interesseert ze kennelijk niks.

Als je bezwaar maakt, vliegen ze de gehele Zuidas in om te bewijzen dat ze ‘binnen de wet opereren’ en geven politici de schuld, die verantwoordelijk zijn voor de wetgeving. Dat de CEO’s van grote bedrijven hier zelf sneller iets aan kunnen doen dan wie dan ook, komt niet eens in ze op. Dat Mark Rutte hen hier anno 2019 überhaupt op moet wijzen, is een sterke indicatie van radicalisering van kapitalisme en het moreel failliet aldaar.

Geldcowboys

Schimmelpenninck, de hoofdredacteur van het magazine Quote, is samen met van Zwieten, een predikant op de Zuidas, op zoek naar een nieuwe elite. Volgens The Economist hebben de radicalen de VS bijna afgegraasd en zijn de ‘geldcowboys’ nu richting Europa vertrokken, waar minstens 1.000 potentiële prooien in kaart zijn gebracht. Wiebe Draijer, CEO van Rabobank, vergelijkt in De Telegraaf de huidige tijd met La Belle Epoque, een gouden periode rond het jaar 1900. Hij ziet vergelijkbare ‘snelle technologische verandering (die vooruitgang brengen, maar mensen ook een ongemakkelijk gevoel geven, red.), ongelijke verdeling van welvaart en gebrek aan moreel leiderschap.’

Niet alle CEO’s zijn uiteraard gevoelsarm. Velen van hen willen gewoon iets beters nalaten voor nieuwe generaties, maar de radicalisering zal zeer moeilijk te keren zijn. Volgens de Franse schrijver Michel Houellebecq gaat de coronacrisis niks veranderen en zal het daarna ‘dezelfde wereld zijn, alleen wat erger.’

Zo pessimistisch zijn wij niet, maar als een kasteelheer in de raad van commissarissen opstaat die de ontwikkelingen niet ziet zitten, omdat hij meent dat hij een bredere maatschappelijke functie heeft, zoals Antony Burgmans bij Akzo Nobel, dan wordt hij voor het gerecht gesleept.

Heilzaam Private Equity

Het saneren, oppompen en moderniseren van organisaties is noodzakelijk, want gemakzucht wordt een rommeltje. Er kan sprake zijn van te weinig radicaal kapitalisme binnen een organisatie. Het doortastende gelddenken dat private equity of venture capital vaak eigen is, kan een zeer heilzame werking hebben. In deze wereld wordt een idee als beperkt waardevol gezien en dat is op zich al een louterende gedachte voor creatieven en plannenmakers die verliefd zijn op hun mentale prestatie en te verwachten roem. Volgens deze investeerders barst het van de goede ideeën, maar draait alles om de uitvoering en het resultaat, hetgeen natuurlijk een waarheid als een koe is, maar vaak wordt vergeten door hallucinante breinen.

De mensen van private equity beschikken over het algemeen over veel expertise over verdienmodellen en hoe je hiermee om moet gaan. Wij kunnen uit eerste hand melden dat er ook private equity-huizen zijn die helemaal niet uit zijn op het leegroven van de rest en in zeldzame gevallen is langere termijn de focus. Dankzij private equity ontstaan nieuwe merken. Het kan ook geld en expertise verschaffen opdat een merk of bedrijf langer kan overleven. Soms is het niet zoveel anders als het restaureren van een oldtimer, een strik erom doen en hem met een mooie marge doorverkopen aan een liefhebber, die daar nog jaren plezier van kan hebben en meer expertise heeft om het merk uit te bouwen of door de tijd te loodsen.

Ook binnen de wereld van private equity, beleggers, banken en dergelijke is een nieuwe generatie in opkomst. Ze zijn zich bewust van het feit dat zij worden gezien als ‘Somalische piraten’ of ‘aasgieren’ en hun license to operate op het spel staat. Zij weten dat radicaal kapitalisme onder andere leidt tot een zeer groot verschil tussen het vermogen van de top en dat van de onderkant en dat dit altijd eindigt met een revolutie, grote oorlog of onthoofding van de rijke top. La Belle Epoque liep dood in de loopgraven van de 1e wereldoorlog.

In aanloop naar die oorlog was de top drie naar de huidige koopkracht maatstaven:

    1. John D. Rockefeller, 318 miljard US dollar
    2. Andrew Carnegie, 300 miljard US dollar
    3. Nicolaas II, tsaar van Rusland, 254 miljard US dollar

Het vermogen van de rijkste man op aarde, Jeff Bezos van Amazon, is nu slechts rond de $150 miljard. Dus maak u niet teveel zorgen. Vergeleken met dat van John D. Rockefeller zijn we pas halverwege een nieuwe 1e wereldoorlog.

Merken die hierdoor gaan verdwijnen

Kortom, het probleem van Radicaal kapitalisme is niet de expertise van financial engineers of gevoelsarme inkopers, maar dat zij te dominant in de besluitvorming zijn geworden. Als gevolg van dit zal een merk als Novartis verdwijnen. Dit is een Zwitserse farmaceut die een in Nederland ontwikkeld medicijn tegen een zeldzame vorm van kanker opgekocht en de prijs ervan verzesvoudigde. Zorgverzekeraars willen het medicijn hierdoor niet meer vergoeden. Ondertussen melden de PR-functionarissen op hun website dat ‘Integriteit’ een van de kernwaarden is: We care about our people, patients and customers and commit to the highest ethical standards in what we do. We take a principles-based approach to support constructive discussions and improve decision-making. In welke richting deze besluitvorming gaat, mag duidelijk zijn.

Blue Band, Becel en Zeeuws Meisje zijn door Unilever verkocht aan KKR, een private equity (dezelfde die V&D heeft gesloopt). Kan twee kanten op. Wordt nieuw leven ingeblazen of uitgewoond. Wij vrezen het ergste en dat geldt ook voor HEMA.

Merken die juist handig inspelen op deze trend

DSM heeft zich onder Feike Sijbesma razendsnel omgetoverd van een vervuilende chemiereus tot een wereldleider op het gebied van sustainable producten en tegelijk de beurskoers verdrievoudigd.

Unilever is primair een door aandeelhouders gedreven geldmachine, maar probeert toch een maatschappelijke balans te vinden met minder zout, vet, suiker en dergelijke. Het merk heeft, voor zover wij weten, de prijs van zeep niet verhoogd tijdens de coronacrisis.

Farmaceut Roche ging na enig aandringen toch het recept delen voor een vloeistof in coronatesten. Of Coca-Cola dat ooit gaat doen, verwachten wij niet, maar het heeft wel 120 miljoen dollar gedoneerd om het coronavirus te bestrijden.

Boek Merkdisruptie

Frank Haveman, Jeroen Cremer en Richard Otto

Het boek ‘Merkdisruptie’ (Tens Media, 2019) is beschikbaar als paperback en e-book. Het is geschreven door Jeroen Cremer, Frank Haveman en Richard Otto en bevat bijdragen van een groot aantal specialisten zoals Tony de Bree, Charles Borremans, Marc Oosterhout, Cor Molenaar en Paul Moers.

Inspireer een ander

Share on linkedin
Share on skype
Share on email
Share on whatsapp

Nieuwsgierig geworden naar onze inschatting over de overlevingskansen van uw merk?

Wij komen u graag meer vertellen over de mogelijkheden van een inspirerende presentatie, interactieve workshop, of brand survival (quick)scan.

#1 Angelsaksisch kapitalisme

#1 Angelsaksisch kapitalisme
Primair aandeelhouder gefocust Angelsaksisch model (groot, groter, grootst) wint fors terrein t.o.v. Rijnlands model

Megatrend 1: Angelsaksisch kapitalisme

Er zijn meerdere vormen van kapitalisme. Een daarvan is het uit de VS en UK overgewaaide Angelsaksisch kapitalisme. Als geldmachine doet dit primair aandeelhouder gedreven model, dat denkt in termen van groei, efficiency en korte termijn winstmaximalisatie het de afgelopen decennia beter dan het van oudsher in Europa dominante Rijnlandsmodel. Bijvoorbeeld Unilever, dat de afgelopen decennia met de Rijnlandsoriëntatie jaarlijks een dubbel digit groei realiseerde, verving onlangs haar CEO Paul Polman voor een Angelsaksische georiënteerde CEO. Het Angelsaksische systeem is vooral ook in de Amerikaanse variant in staat gebleken de onderkant te verheffen – De Amerikaanse droom genaamd.

Groot, groter, grootst… Toch kleven er nadelen aan deze oriëntatie. Ten koste van het mkb, installeert het enorme bedrijven. Vele daarvan dragen weinig belasting af, met o.a. als maatschappelijk effect het nauwelijks bijdragen aan collectieve voorzieningen. Volgens Donald Trump is ‘de Amerikaanse Droom inmiddels dood’.

Kortom, er zijn hier duidelijk kansen en bedreigingen. U zult met uw merk moeten kiezen: either go zig or zag.

Angelsaksisch kapitalisme ‘installeert’ enorme bedrijven die een toenemend percentage van het BNP voor hun rekening nemen: van 35% in 1955 naar 72% in 2015.

Vormen van kapitalisme

Het kapitalisme komt in diverse vormen. Een daarvan is het Angelsaksische model waarin aandeelhouders het voor het zeggen hebben en private bedrijven worden gezien als geldmachines. In dit liberale systeem wordt vertrouwd op marktwerking en hebben mensen een hekel aan de overheid als regulerende, belasting innende en vertragende factor. Een tegenhanger wordt het Rijnlandse model genoemd. Dit model omvat iets vaker familiebedrijven met een bredere blik en de staat bemoeit zich meer met herverdeling van de welvaart. Er wordt door bedrijven rekening gehouden met de belangen van aandeelhouders, klanten en werknemers (ook ‘Governance’ genaamd).

Tussenvormen zijn mogelijk, zoals Conscious Capitalism, waarin de noodzaak tot en het plezier van geld verdienen niet worden ontkend, maar waar men wel op verantwoorde wijze rijk en beroemd wil worden. Onder invloed van nieuwe technologie zijn ook nieuwe verdienmodellen ontstaan, zoals een grootschalige platformeconomie met merken als A‌i‌r‌b‌n‌b en Uber die zelf geen enkel hotel of auto bezitten.

Megatrend: Angelsaksisch kapitalisme

De megatrend is ‘Angelsaksisch kapitalisme’. Deze transitie valt moeilijk te duiden in termen van extern of intern en zoiets geldt meestal voor de ontwikkelingen die we beschrijven.

Het Rijnlandse model was dominant in landen als Duitsland en Nederland, maar Angelsaksisch kapitalisme is in het Westen de afgelopen decennia sterk opgekomen. De landen waarin het Angelsaksisch kapitalisme heerst, zoals de VS en het VK, zijn meer extreem wat betreft de verdeling van de welvaart. Maar ze doen het als collectieve geldmachine beter dan het Rijnlandse model.

Het grote geld stroomt richting Silicon Valley en over de crisisperiode 2008-2015 groeide het BNP van de VS 22% en dat van het Verenigd Koninkrijk 2%. Het Nederlandse daalde 20% en het Duitse 10% (gegevens World Bank). Sinds die crisis is de economie van de VS 4.000 miljard euro gegroeid, die van ons 200 miljard gekrompen. In 2009 verdienden mensen per hoofd van de bevolking $3.000 meer in de VS dan in Nederland, in 2017 is het $8.000 meer. Dit ondanks het feit dat landen als Nederland en Duitsland de afgelopen decennia richting Angelsaksisch kapitalisme zijn verschoven.

Het Angelsaksisch kapitalisme is onder andere veel doortastender in snel doorstarten en niet huilen over het verleden. De wil om te winnen overheerst en men beschikt over bovenmenselijk doorzettingsvermogen. Zo werd een medewerker bij Jack Welch, toen ceo van General Electric, op het matje geroepen omdat hij verantwoordelijk was voor een project dat niks was geworden. De medewerker vroeg met knikkende knieën of hij ontslagen zou worden, waarop Welch antwoordde: ‘Ben je helemaal gek?! Je hebt zojuist een cursus gevolgd die 60 miljoen heeft gekost.’ Deze vorm van kapitalisme is bovendien een democratische kracht geweest, meestal The American Dream genoemd, die luxe voor het volk betaalbaar heeft gemaakt en het feodale systeem, waarin het voor een krantenjongen en boerin schier onmogelijk was om miljonair te worden, afgeschaft.

Nadelen van Angelsaksisch kapitalisme

Geldmachines en liberalisme zijn noodzakelijk, maar er zitten een aantal belangrijke nadelen aan het Angelsaksisch kapitalisme. Het installeert enorme bedrijven op kosten van (ook de keten van toeleveranciers van) het MKB, zoals u in de grafiek boven kunt zien. Voeg Silicon Valley en de coronacrisis daarbij, die de positie van technocratische bedrijven versterkt en als gevolg hiervan gaan heel veel merken verdwijnen. U kunt dit al enige tijd vaststellen door wat winkelstraten te bezoeken. De kleinere ketens, modewinkels, groenteboeren en gewone slagers zijn aan het verdwijnen. Nieuwe, kleine merken komen uiteraard ook op, zoals die van lokale bierbrouwers, maar de grote lijn van de ontwikkeling is ‘size matters’, gekoppeld aan Big Data. Bijvoorbeeld Hoogvliet supermarkt is met veertig winkels te klein en als merk niet uniek genoeg. Het gaat opgekocht worden. Voor Nettorama en Jan Linders geldt ongeveer hetzelfde.

Volgens experts is het patroon van de nieuwe bedrijvigheid op internet ‘winner takes all’. Google heeft binnen een decennium bijna alle andere zoekmachines, zoals in Nederland het merk Ilse, van de markt gemept. Bol is bang voor de komst van Amazon naar Nederland. Je ziet dit principe zelfs terug in de beloning van topsporters en andere artiesten, waarbij de winnaar minstens 100 miljoen per jaar verdient en de waterdragers een steeds kleinere fractie daarvan.

Angelsaksisch kapitalisme wordt gedreven door de beurs en denkt uitsluitend in termen van verdienmodellen, groei, efficiency en winstmaximalisatie, niet in termen van diepere of bredere maatschappelijke zingeving, hetgeen bijvoorbeeld millennials hoog op de agenda hebben staan. Zij hebben er geen zin in om, zoals een van hen schreef, ‘hun baas aan zijn derde Mercedes te helpen’.

Angelsaksisch kapitalisme is meer gericht op de korte termijn en Frits Goldschmeding, de megarijke oprichter van Randstad, omschreef de top van het bedrijfsleven als ‘inwisselbare geldmachines’. Dat klinkt niet best en zo is de kans aanzienlijk dat KPN als merk zal verdwijnen. Het mist de noodzakelijke schaalgrootte en wilde bovendien vanwege efficiency een inwisselbare geldmachine worden door de merken XS4all en Telfort op te heffen.

Kortom, Angelsaksisch kapitalisme is niet per definitie slecht, maar worstelt met zingeving en diversiteit. Het doet ook niet meer waarvoor het ooit is bedoeld: het verheffen van de onderkant. Het is daarom urgenter dan ooit dat u nadenkt over de vorm van kapitalisme die het bedrijf nastreeft en het verheffen van het volk is weer een grote kans geworden.

U zult met uw merk moeten kiezen over uw (nieuwe) verdienmodel en reden van bestaan: either go zig or zag.

Boek Merkdisruptie

Frank Haveman, Jeroen Cremer en Richard Otto

Het boek ‘Merkdisruptie’ (Tens Media, 2019) is beschikbaar als paperback en e-book. Het is geschreven door Jeroen Cremer, Frank Haveman en Richard Otto en bevat bijdragen van een groot aantal specialisten zoals Bert van der Veer, Carlo Brantsen, Cor Molenaar, Marc Oosterhout, Jan Rijkenberg en Paul Moers.

Inspireer een ander

Share on linkedin
Share on skype
Share on email
Share on whatsapp

Nieuwsgierig geworden naar onze inschatting over de overlevingskansen van uw merk?

Wij komen u graag meer vertellen over de mogelijkheden van een inspirerende presentatie, interactieve workshop, of brand survival (quick)scan.